De zonen van de ondergrond

Negen van de achttien kinderen

Deze negen broers werkten allemaal in de mijn

Deze negen broers werkten allemaal in de mijn: "Moest ik niet zo oud zijn, ik zou meteen teruggaan"

Negen van de achttien kinderen van voormalig mijnwerker Arthur Selis zijn zondag samengekomen in het Mijndepot van de voormalige mijn van Waterschei. De negen broers werkten stuk voor stuk in de mijn, en dat is erg uitzonderlijk. “Er viel qua werk toen niet veel te kiezen in Genk: het was of de Ford, of de mijn”, zegt Louis (76), de oudste van de broers.

Het gebeurt zelden dat de broers elkaar zien. “We wonen nogal ver uit elkaar”, zegt Hubert (61). “We komen soms wel eens met vijf samen naar een receptie. Maar met alle negen is echt wel heel lang geleden. En het moest er van komen. Binnen vijf jaar zijn we misschien al niet meer met negen.”

Het was Jos Medo van vzw Mijnverleden die de ontmoeting op touw zette. Louis (76), de oudste van de broers, is blij met het initiatief. “We waren met achttien kinderen thuis”, zegt Louis. “Drie zijn overleden: twee broers toen ze nog erg jong waren, en een zus op 51-jarige leeftijd. We hebben nog zes zussen.” De negen broers Selis werkten allemaal in de mijn. “In onze tijd was er ook niet veel keuze qua werk”, vertelt Louis. “Je had de mijn en Ford Genk. Vader liet ons vrij kiezen waar, maar werken moesten we. Hij heeft zelf ook 42 jaar als opzichter in de kolenwasserij van de mijn van Zwartberg.”

Elk hebben ze hun eigen verhalen en ervaring in de ondergrond. De ene met een enthousiaste terugblik, en de andere met wat minder liefde voor de ondergrond. Verwonderlijk is dat geen van de negen broers er ernstige kwetsuren aan overhield. “Ik ben wel aan één kant voor een stuk doof”, zegt Louis. “Dat komt door die daverende boorhamers. Ik heb ook nog zeventien jaar voor de reddingsbrigade gewerkt. Zo heb ik een brand mee helpen blussen in een galerij op 920 meter onder de grond. Ook in 1984, toen in Eisden zeven mijnwerkers bij een grauwvuurontploffing dood bleven, ben ik gaan helpen. Ik heb eerst nog in Zwartberg gewerkt en ben nadien naar de mijn van Waterschei verhuisd. Wat een verschil was dat: Zwartberg was net een ondergrondse fabriek, terwijl in Waterschei het soms een puinhoop was. Waterschei was niet voor niets de minst veilige mijn.”

“Ik zou meteen teruggaan”

Luciën (73) was elektricien in de mijn. “Moest ik niet zo oud zijn, ik zou meteen teruggaan”, zegt hij. “Wel niet in de productie, of voor het delven van steengangen. Maar wel voor de stielen, zoals bij de mechanische of de elektrische diensten.”

Louis (76) was opzichter-schietmeester en werkte 30 jaar in de ondergrond; Ivan (74), paswerker, 4 jaar; Luciën (73), elektricien, 26 jaar; Jean Pierre (63), elektricien, 15 jaar; Johnny (63), opzichter-paswerker, 20 jaar; Hubert (61), transport, 13 jaar; Jean (59), paswerker, 12 jaar; Patrick (57), paswerker, 7 jaar en Alain (54), sleper, 7 jaar.

 Gerelateerde artikels/blogs: